Engels [verb]Nederlands [verb]
instruct [verb] The manager will instruct the team on the new rules. Please instruct me on how to use this tool. |
instrueren [verb] De manager zal het team instrueren over de nieuwe regels. Wilt u mij instrueren hoe ik dit hulpmiddel moet gebruiken? |
|
instruct [verb] |
opdragen [verb] |
|
instruct [verb] |
aanschrijven [verb] |